Drempelcriterium 1
Hieronder vindt U de vragen en de antwoorden van de vragen die onderdeel zijn van het eerste drempelcriterium.
Naam: Chris Huisman
Studentennummer: 590713
Klassencode: EBK1V.C
Opleiding: Bouwkunde
Studiecoach: Cherreny Gokoelsing Stein
Waar gaat momenteel jouw keuze naartoe en waarom?
Op het moment gaat mijn voorkeur uit naar de studie Bouwkunde. Bij woning en leefomgeving zijn we bezig met bouwkundige aspecten, maar ook civiele. En ik merk bij mezelf dat ik beter oplet, en sneller met de opdrachten bezig ga, zodra we het hebben over soorten architectuur, diverse soorten materialen voor gebouwen of het uiterlijk van een gebouw. Bij de civiele onderwerpen zoals wegen merk ik dat ik sneller afgeleid ben en minder motivatie heb voor het vak.
Waarom trekt Civiele Techniek mij minder aan dan Bouwkunde?
De reden dat de Bouwkunde mij minder aantrekt dan de Civiele techniek is voornamelijk omdat je bij bouwkunde veel meer ruimte hebt om creativiteit kwijt te kunnen. Het is ook veel persoonlijker; Een familie krijgt hun eerste kindje in het huis dat ik er heb neergezet. Iemand heeft zijn eerste date met zijn toekomstige vrouw in een restaurant dat ik heb ontworpen. Iemand kijkt zijn lievelingsfilm in een bioscoop die ik heb gemaakt. Deze gedachten motiveren mij veel meer om mee te werken aan de bouw van ons land, dan het idee dat iemand naar werk rijdt over een brug die ik heb ontworpen, aangezien er een veel minder sterke emotionele band is.
Wat trekt je aan de in de opleiding?
De dingen die voornamelijk mijn interesse hebben hebben veel te maken met het ontwerp van een gebouw. Bij kunstgeschiedenis op het Bonhoeffer College was architectuur ook een van mijn favoriete onderdelen. Ik ben geïnteresseerd in de soorten architectuur, hoe je bepaalde materialen kan gebruiken om een bepaald gevoel over te brengen. Hoe kan je een huis het beste indelen? Hoe kan ik veel lichtinval krijgen zonder een te groot broeikaseffect? Ik ben erg geïnteresseerd in het ontwerpen van een gebouw.
Wat trekt je minder aan?
Ondanks dat ik een redelijke goeie aanleg heb voor Wiskunde, Natuurkunde en rekenen, ben ik minder geïnteresseerd in het uitreken van de benodigde informatie voor een gebouw. Welke materialen een bepaalde kracht kunnen dragen is voor mij een veel minder boeiend onderwerp dan welke materialen een bepaalde sfeer kunnen overbrengen. Vandaar dat ik veel meer neig naar de Architectuur i.p.v. de Constructeur.
Wat hoop ik voor de toekomst in de opleiding?
Een van de dingen die ik heel leuk vindt is tekenen, het op papier brengen van ideeën die je hebt, en het kunnen presenteren aan anderen. Om mijn creativiteit kwijt te kunnen. Ondanks dat het een groot deel is van mijn generatie ben ik geen voorstander van de eindeloze digitalisatie. We zijn op het moment bezig met het modelleren op het programma Revit. Mijn hoop is echter dat we ook te leren krijgen hoe we dit op ouderwets papier kunnen doen.
Drempelcriterium 2
Over het algemeen ben ik zeer tevreden met onze samenwerking tot nu toe. Ik ben zelf vaak voorzichtig met groepjes maken aangezien ik soms niet iedereen meteen vertrouw met de kwaliteit van het werk maar ook of diegene zijn taak wel uitvoert. Ik heb grotendeels een groep met mensen waar ik al eerder mee had samengewerkt, dit beviel de eerste keer goed en gelukkig nu ook weer.
Ik merkte een goede samenhang bij ons. Vaak begonnen we met een klein klets momentje van een paar minuten maar wisten we wel dat we daarna serieus aan het werk moesten, en dit gebeurde ook. Ook de dynamiek in de groep lag fijn, ik was zelf de projectleider en merkte wel dat ik het schip af en toe bij moest sturen. Dit was bijvoorbeeld op momenten dat er te lang gekletst werd, of wanneer ik zag dat mensen vastliepen en niet zo goed wisten waar ze moesten beginnen. Helaas kan ik niet zien hoe erg iemand thuis vastliep, dan kwamen we na het weekend bij elkaar en had iemand zijn taak niet af aangezien hij niet wist waar die nou specifiek mee bezig moest. Hoewel dit maar 1 of 2 keer gebeurde leg ik de schuld dan bij mezelf als groepsleider en wil aankomende kwartielen daar ook aan werken. Dit wil ik doen door bijvoorbeeld over de app te vragen of iedereen er uit komt en/of hulp nodig heeft.
Naast dat probeerde ik ook iedereen zijn kwaliteiten een beetje te vinden en dat ook mee te nemen in de takenverdeling. Iemand iets forceren om te doen wou ik niet dus alles ging in goed overleg tijdens de vergaderingen. Meestal deed ik zelf het rekenwerk, aangezien ik wist dat dit mij het beste zou liggen, ook kijkend naar iedereen zijn vorige scholen/opleidingen. Het schrijven van documenten, nakijken van het werk dat de rest heeft gemaakt en brainstormen liet ik vaak over aan Chiel en Justa. Ik merk dat zij vooral kritische denkers zijn, en met name Justa. Het mooie vindt ik hier dat hij alles in twijfel kan trekken, zelfs de meest voor de hand liggende oplossingen wist hij nog minpunten in te vinden. Als laatste hadden we de wat creatievere taken als schetsen en oplossingen bedenken, hoewel we dit met zijn alles een beetje deden, werd het meeste bedacht en gedaan door Lars en Joris. Wat ik fijn vond bij Joris is dat ik hem kon vertellen wat hij moest doen, en dan deed hij het, vaak geen vragen, hij wordt niet vaak afgeleid en zinkt een beetje weg in zijn werk en zorgt er simpel gezegd gewoon voor dat het afgemaakt wordt. Lars vond ik voornamelijk fijn om naast me te hebben, als er een moment was dat ik even vast liep of iets niet wist kon hij het vaak van mij oppakken. Ik vindt het ook lastig om één specifieke sterke kant van hem te benoemen, aangezien ik vindt dat hij van alles wel ietsjes heeft. Ik vond het fijn om hem naast me te hebben als een soort back-up voor als ik iets zelf niet kon doen. Ik kon er zelf bij één vergadering niet bijzijn en hem ook zelf niet houden, dan vertrouwde ik Lars er wel het meeste mee om het over te nemen van mij.
Toen ik terug moest denken aan de samenwerking kwamen er bij mij een moment direct naar boven die nog wel op wat verbetering kan wijzen. Hoewel er natuurlijk meer leermomenten waren naast deze vond ik dit wel een van de belangrijkere
1: Op een woensdag hadden we bij ons in de groep de taken verdeeld voor wat er allemaal af moest zijn voor de volgende week. Lars had de taak om een overzicht te maken van de energielabels en welke bij welk huis passen. Ik had deze week een wat kleinere taak en die had ik dezelfde dag ook nog af. De donderdag erna hadden wij geen les, het leek mij toen een goed idee om zelf met het overzicht bezig te gaan aangezien ik de rest van het groepje er niet mee lastig wou vallen. Na er twee uurtjes aan besteed te hebben had ik deze opdracht ook af, echter bleek het later dat Lars hier ook mee bezig wat geweest, wat volkomen logisch is aangezien het zijn taak was. Ik deelde een bericht dat ik de opdracht voor hem had afgemaakt, waarna ik een antwoord terug kreeg dat hij hem zelf ook net had afgerond, waardoor de taak twee keer is gedaan. Dit was vanaf mijzelf een fout en ook een goed leermoment om meer te communiceren met de groep wie wat doet en wanneer.
Voor de rest ben ik heel tevreden over de samenwerking, we kunnen serieus werken maar ook zeker lol hebben met elkaar. Iedereen houdt zich aan de afspraken, iedereen doet zijn deel en als iets wordt gezegd wordt het ook echt daadwerkelijk gedaan.
Maak jouw eigen website met JouwWeb